
Kernpunten
- Mbps en Gbps geven aan hoeveel data er tegelijk over een verbinding kan; 1 Gbps staat gelijk aan 1.000 Mbps.
- Glasvezel is de infrastructuur, de snelheid is de capaciteit die daarover wordt geleverd; die twee zijn niet hetzelfde.
- De ervaren snelheid wordt bepaald door de zwakste schakel in de keten, van provider tot wifi en laptop.
- Voor huurders en eigenaren telt niet de hoogste snelheid, maar of het gebouw levert wat de gebruiker nodig heeft, wat u kunt laten vaststellen via een IT-Label voorinspectie.
- IT-Label bekijkt internetsnelheid nooit los, maar als onderdeel van het volledige digitale opleverniveau van een gebouw.
In vastgoedbrochures leest u het steeds vaker: glasvezel aanwezig, snelle internetverbinding, 1 Gbps mogelijk, zakelijke glasvezel beschikbaar. Het klinkt allemaal geruststellend. Maar wat zegt dat nu eigenlijk?
Is 100 Mbps snel? Is 1 Gbps tien keer beter? En wanneer heeft een organisatie 10 Gbps nodig? Veel mensen kijken wel naar de internetsnelheid, maar weten niet precies wat de getallen betekenen. Dat is niet gek, want de cijfers worden zelden uitgelegd in gewone taal.
In dit artikel leggen we internetsnelheid uit zonder IT-jargon. Aan het einde begrijpt u het verschil tussen 50 Mbps en 10 Gbps, en vooral waarom een snelheid alleen nog niets zegt over wat een gebouw digitaal aankan.
Mbps en Gbps: wat betekenen die getallen?
Mbps staat voor megabit per seconde. Gbps staat voor gigabit per seconde. Het enige dat u hoeft te onthouden: 1 Gbps is 1.000 Mbps. Hoe hoger het getal, hoe meer data er tegelijk over de verbinding kan.
Een handige vergelijking is een snelweg. De internetsnelheid is de breedte van de weg. Hoe meer Mbps of Gbps, hoe meer verkeer er tegelijk overheen kan zonder file.
- 100 Mbps is een kleinere weg met een paar rijstroken.
- 1 Gbps is een veel bredere snelweg.
- 10 Gbps is een zeer brede digitale snelweg voor grote hoeveelheden verkeer.
Meer rijstroken betekent dat meer mensen tegelijk kunnen rijden zonder dat het vastloopt. Voor een kantoor betekent dat: meer medewerkers die tegelijk kunnen videobellen, in de cloud werken en bestanden versturen.
Een overzicht van snelheden
De onderstaande tabel geeft een indicatie van wat de verschillende snelheden ongeveer betekenen. Het zijn richtlijnen, geen harde normen. Wat een organisatie echt nodig heeft, hangt af van het gebruik.
| Snelheid | Simpel uitgelegd | Voor wie ongeveer |
|---|---|---|
| 50 Mbps | Basis | Kleine werkplek, licht gebruik |
| 100 Mbps | Prima basisverbinding | Klein kantoor, mail, cloud, videobellen |
| 500 Mbps | Snelle verbinding | Meerdere medewerkers, intensiever cloudgebruik |
| 1 Gbps | Zeer snelle zakelijke verbinding | Middelgrote kantoren, veel cloud en video |
| 2,5-5 Gbps | Hoge capaciteit | Grotere digitale organisaties |
| 10 Gbps | High performance | Grote kantoren, techbedrijven, AI |
| 10 Gbps en meer | Enterprise niveau | Datacenters, campussen, zware omgevingen |
De volgorde helpt om gevoel te krijgen voor de getallen: 50 Mbps is minder dan 100 Mbps, dat is minder dan 500 Mbps, dat is minder dan 1 Gbps, dat is minder dan 10 Gbps.
Hoeveel is 1 Gbps eigenlijk?
Om de getallen tastbaar te maken: 1 Gbps kan in theorie veel meer data tegelijk verwerken dan 100 Mbps. In de praktijk betekent dat comfortabel ruimte voor meerdere Teams- of Zoomgesprekken tegelijk, werken in cloudsoftware, grote bestanden versturen, back-ups uitvoeren, videostreaming en steeds vaker ook AI-toepassingen.
Let wel op: de theoretische snelheid is niet altijd gelijk aan wat de gebruiker daadwerkelijk ervaart. Een verbinding van 1 Gbps op papier voelt langzaam als er onderweg iets knelt. Daar komen we later op terug.
Download en upload
Elke verbinding heeft twee richtingen. Download is data die naar u toe komt: een website openen, een bestand ophalen, een video bekijken. Upload is data die van u naar buiten gaat: bestanden uploaden, videobellen, cloudback-ups en camerabeelden versturen.
Vroeger consumeerden we vooral data. Tegenwoordig produceren we steeds meer data. Daardoor wordt upload voor organisaties belangrijker dan veel mensen denken. Wie de hele dag videobelt en in de cloud werkt, verstuurt continu data naar buiten.
Een snelweg naar het gebouw is mooi, maar als de laatste honderd meter een zandpad is, komt u alsnog langzaam aan.
Benieuwd naar het IT-label van uw gebouw?
Ontdek hoe uw vastgoed scoort op digitale infrastructuur.
IT-label aanvragenSymmetrisch of asymmetrisch
U komt soms de term symmetrisch tegen. Een verbinding van 1 Gbps download en 1 Gbps upload is symmetrisch: even snel in beide richtingen. Een verbinding van 1 Gbps download en 100 Mbps upload is asymmetrisch: de upload is dan veel trager.
Voor organisaties die veel werken met cloud, video, grote bestanden en back-ups is een symmetrische verbinding vaak interessant. Zij versturen namelijk net zo veel als ze ontvangen. Dat verklaart waarom twee gebouwen met "1 Gbps" in de brochure toch heel anders kunnen aanvoelen in het dagelijks gebruik.
Glasvezel betekent niet automatisch 1 Gbps
Dit is een van de belangrijkste misverstanden. Glasvezel is de infrastructuur. De snelheid is het abonnement of de capaciteit die daarover wordt geleverd. Die twee zijn niet hetzelfde.
Een gebouw met glasvezel kan in de praktijk beschikken over 100 Mbps, 500 Mbps, 1 Gbps of 10 Gbps. De aanwezigheid van glasvezel zegt dus nog niets over de snelheid die er daadwerkelijk uit komt. Zoals we uitleggen in ons artikel over glasvezel in gebouwen, is de kabel maar het begin.
Vergelijk het opnieuw met een snelweg: die kan tien rijstroken hebben, maar dat betekent niet automatisch dat u ze allemaal mag gebruiken. Wat u mag rijden, hangt af van de afspraken die zijn gemaakt.

Internet en wifi zijn niet hetzelfde
Nog een veelgemaakte fout: internet en wifi door elkaar halen. Internet is de verbinding naar buiten. Wifi is één manier om die verbinding binnen het gebouw draadloos te gebruiken.
Daarom kan een gebouw een uitstekende verbinding van 1 Gbps hebben en tóch traag aanvoelen door slechte wifi. Snel internet met slechte wifi blijft voor de gebruiker langzaam internet. In ons artikel over wifi-dekking in gebouwen gaan we dieper op dit onderscheid in.
De zwakste schakel bepaalt de snelheid
De snelheid die u ervaart, is afhankelijk van de hele keten: provider, glasvezel, router, switch, bekabeling, wifi en uiteindelijk uw laptop. Als één onderdeel maar 100 Mbps aankan, wordt dat de rem op alles wat erachter zit.
U kunt dus een supersnelle verbinding naar het gebouw hebben, maar als de interne bekabeling of de wifi de capaciteit niet aankan, merkt de gebruiker daar niets van. De verbinding is zo snel als het traagste onderdeel.
Benieuwd naar het IT-label van uw gebouw?
Ontdek hoe uw vastgoed scoort op digitale infrastructuur.
IT-label aanvragenMeer snelheid is niet altijd beter
Een hogere snelheid betekent niet automatisch dat een organisatie die nodig heeft. Een klein kantoor met vijf medewerkers heeft heel andere behoeften dan een videoproductiebedrijf, een softwareontwikkelaar, een callcenter, een architectenbureau, een AI-bedrijf of een groot hoofdkantoor.
De juiste vraag is daarom niet "wat is de snelste verbinding?", maar "welke capaciteit heeft deze organisatie nu én in de toekomst nodig?". Dat is een andere manier van kijken, en het sluit aan bij de verschuiving van vierkante meters naar datacapaciteit.
Dataconsumptie blijft groeien
Organisaties gebruiken steeds meer data door cloudsoftware, videobellen, AI, grote bestanden, digitale samenwerking en back-ups. Daarnaast gaan gebouwen zelf steeds meer data gebruiken door sensoren, IoT, camera's, toegangscontrole, smart building-systemen en energiemanagement.
De echte vraag wordt daarmee: is de snelheid van vandaag ook voldoende voor de gebruiker van morgen? Wie nu krap zit, loopt het risico binnen enkele jaren tegen grenzen aan te lopen.
Wat betekent dit voor vastgoed?
Vastgoedbrochures melden vaak alleen "glasvezel aanwezig". Een huurder zou eigenlijk meer willen weten. Welke snelheid is beschikbaar? Welke providers zijn er? Wat is de upload? Is de verbinding symmetrisch? Is redundantie mogelijk? Wat kan de interne bekabeling aan? En kan het gebouw opschalen als de organisatie groeit?
Glasvezel aanwezig is een begin. Maar het zegt nog niet wat een gebouw digitaal aankan. Voor een huurder die daarop wil letten, hebben we een overzicht gemaakt met waar u op moet letten voordat u tekent.
Daarom bekijkt IT-Label internetsnelheid nooit geïsoleerd. We kijken naar het volledige digitale opleverniveau van een gebouw: de externe verbinding, de interne bekabeling, de wifi, de MER en SER, de switches, de redundantie, de schaalbaarheid en de monitoring. Zo functioneert IT-Label als de digitale APK van vastgoed.
Zo zet u de volgende stap
Internetsnelheid hoeft niet ingewikkeld te zijn. Maar één getal vertelt nooit het hele verhaal. De echte vraag is of de digitale infrastructuur van het gebouw kan leveren wat de gebruiker vandaag én morgen nodig heeft.
Wilt u weten wat uw gebouw of de ruimte die u overweegt te huren digitaal aankan? Vraag dan een IT-Label voorinspectie aan, of lees eerst rustig verder in onze kennisbank over connectiviteit en digitale infrastructuur.
IT-Label. Samen maken wij zichtbaar wat nu nog onzichtbaar is. Kijk voor meer informatie op www.it-label.com.

