Onafhankelijk kenniscollectief voor digitale infrastructuur in vastgoed
IT-Label

IT-Label aanvragen

Laat uw gegevens achter, dan nemen wij contact op om het traject door te nemen.

Classificaties IT1+ – IT1 – IT2 – IT3 – IT4 – IT5

Datapiek in vastgoed: capaciteit als nutsvraag

Waarom we bij energie over piekbelasting nadenken, en bij data in gebouwen nog nauwelijks.

Inzichten··8 min leestijd
Datapiek in vastgoed: capaciteit als nutsvraag

Kernpunten

  • Bij elektriciteit ontstaat congestie doordat veel vraag tegelijk over dezelfde infrastructuur moet, en dat denkkader is bruikbaar voor data in gebouwen.
  • Data kunt u opslaan, maar de netwerkcapaciteit om data op een bepaald moment te verzenden en ontvangen niet, want veel toepassingen vereisen een realtime verbinding.
  • De term digitale piekcapaciteit beschrijft hoeveel gelijktijdige belasting de infrastructuur van een gebouw betrouwbaar kan verwerken.
  • De zwakste schakel in de keten van provider tot werkplek bepaalt wat een gebouw digitaal aankan, niet alleen de glasvezel bij de voordeur.
  • Een Digital Due Diligence maakt inzichtelijk wat een gebouw digitaal aankan, in plaats van alleen of er internet ligt.

Over netcongestie praten we inmiddels dagelijks. Maar wat gebeurt er wanneer niet de elektriciteit, maar de data door dezelfde digitale voordeur moet? In vastgoed zijn we het gewend geworden om over energie in termen van capaciteit en piekbelasting na te denken. Over digitale capaciteit denken we die kant nog nauwelijks op.

Dit artikel gebruikt de vergelijking tussen het elektriciteitsnet en het digitale netwerk als denkkader. Niet omdat Nederland vandaag een formele, landelijke datacongestie kent die precies zo werkt als netcongestie, want dat is technisch niet het geval. Wel omdat dezelfde manier van denken over gelijktijdig gebruik binnen een gebouw verrassend goed van pas komt.

De centrale vraag is eenvoudig te stellen en lastiger te beantwoorden: wat kan een gebouw digitaal aan op het moment dat iedereen tegelijk online is?

Wat piekbelasting bij elektriciteit betekent

In Nederland ontstaat netcongestie niet doordat er altijd te weinig elektriciteitscapaciteit is. Het ontstaat juist doordat op bepaalde momenten veel vraag of aanbod tegelijk over dezelfde infrastructuur moet worden vervoerd. Het gaat om gelijktijdigheid, niet om een structureel tekort.

Een herkenbaar beeld: om 08:00 uur starten machines op een bedrijventerrein. Om 09:00 uur begint het kantoor. En om 17:00 uur komen mensen thuis en gaan warmtepompen, laadpalen en huishoudelijke apparaten tegelijk aan. Op zulke momenten moet het net voldoende capaciteit hebben om de piek te verwerken.

Inmiddels bestaan hiervoor verschillende oplossingen om die piek af te vlakken of te verplaatsen:

  • peak shaving;
  • load shifting;
  • batterijopslag;
  • slim energiemanagement;
  • lokaal opgewekte energie;
  • flexibel elektriciteitsgebruik.

De kern is dat elektriciteit in bepaalde situaties kan worden opgeslagen of dat het verbruik kan worden verschoven. Een bedrijf laadt bijvoorbeeld een batterij op tijdens een rustig moment en gebruikt die energie tijdens een piek. Maar kunnen we hetzelfde met data?

Data kun je opslaan. Capaciteit niet zomaar.

Hier is een belangrijk onderscheid nodig. Data zelf kan worden opgeslagen. Een bestand bewaart u op een server, laptop, NAS, edge-server of in de cloud. Maar de netwerkcapaciteit die nodig is om data op een bepaald moment te verzenden en ontvangen, kunt u niet op dezelfde manier in een batterij stoppen.

Je kunt elektriciteit van vannacht bewaren voor morgenochtend. Maar je kunt niet alvast de internetcapaciteit van vannacht opslaan voor de Teams-meeting van morgen om 10:00 uur. Dat is het hart van deze discussie.

Binnen IT bestaan wel technieken om dataverkeer slimmer te organiseren, zoals caching, lokale opslag, content delivery, edge computing, Quality of Service, traffic shaping, meerdere netwerkverbindingen, load balancing, redundantie en het plannen van grote back-ups en software-updates buiten piekuren. Deze middelen helpen aanzienlijk.

Toch vereisen veel moderne toepassingen een realtime verbinding: Microsoft Teams, Zoom, VoIP, cloudapplicaties, ERP- en CRM-systemen, videostreaming, camera's, cloudback-ups, AI-toepassingen, gebouwbeheersystemen, IoT-apparaten, toegangscontrole en realtime dashboards. Een videogesprek om 10:00 uur stuurt u niet om 03:00 uur alvast door de leiding.

Bij energie leerden we denken in piekbelasting en capaciteit. Diezelfde vraag zou bij een gebouw net zo vanzelfsprekend moeten zijn: hoeveel dataverkeer kan dit pand tegelijk aan?

Wanneer ontstaat een datapiek in een gebouw?

Stel u een kantoorgebouw voor om 09:00 uur. Honderden medewerkers komen binnen. Laptops verbinden tegelijk met de WiFi, cloudapplicaties synchroniseren, Outlook haalt e-mail binnen, Teams start, OneDrive synchroniseert en telefoons verbinden met het draadloze netwerk.

Tegelijk uploaden camera's beelden, registreert toegangscontrole medewerkers, sturen gebouwsystemen data door en lopen back-ups mogelijk nog. En ondertussen stellen tientallen medewerkers vragen aan AI-assistenten die informatie uit de cloud halen en weer terugsturen. Dat is een datapiek.

Is "glasvezel aanwezig" dan nog voldoende informatie over een gebouw? Of moeten we ook weten:

  • hoeveel capaciteit daadwerkelijk beschikbaar is;
  • hoe die capaciteit wordt verdeeld;
  • hoeveel gebruikers tegelijk actief kunnen zijn;
  • waar interne bottlenecks zitten;
  • of de WiFi die capaciteit kan verwerken;
  • of switches en bekabeling voldoende capaciteit hebben;
  • of de verbinding redundant is;
  • welke apparatuur de piekbelasting veroorzaakt;
  • hoeveel groeiruimte er nog beschikbaar is.

Benieuwd naar het IT-label van uw gebouw?

Ontdek hoe uw vastgoed scoort op digitale infrastructuur.

IT-label aanvragen

De zwakste schakel bepaalt de digitale capaciteit

Een snelle glasvezelverbinding bij de voordeur betekent niet automatisch dat een gebouw digitaal snel is. Denk aan een snelweg: een tienbaans snelweg naar een gebouw heeft weinig waarde wanneer de laatste kilometer uit één smalle rijstrook bestaat.

De internetverbinding kan bijvoorbeeld 10 Gbit/s leveren, terwijl de interne bekabeling de capaciteit beperkt, switches verouderd zijn, access points overbelast raken, uplinks te klein zijn, één patchkast alles moet verwerken of een verkeerde netwerkconfiguratie voor vertraging zorgt. Het gaat daarom niet alleen om bandbreedte, maar om de volledige digitale keten van provider tot werkplek.

Gestapelde balkons en vensters in een gevel
Achter een uniforme gevel kan de digitale capaciteit per verdieping en per schakel sterk verschillen.

Introduceer het begrip digitale piekcapaciteit

We stellen een term voor die dit inzichtelijk maakt: de digitale piekcapaciteit van een gebouw. Daarmee bedoelen we de hoeveelheid gelijktijdige digitale belasting die de infrastructuur van een gebouw betrouwbaar kan verwerken zonder dat prestaties, continuïteit of gebruikerservaring merkbaar verslechteren.

Mogelijk wordt dit in de toekomst net zo relevant als het gecontracteerde elektrische vermogen. Bij elektriciteit vragen we: hoeveel kW kan het gebouw aan? Bij digitaal vastgoed zouden we steeds vaker kunnen vragen: hoeveel gelijktijdig dataverkeer kan dit gebouw aan? Die vraag sluit aan bij de verschuiving van vierkante meters naar datacapaciteit.

Twee werelden naast elkaar gelegd

De vergelijking wordt duidelijker in een overzicht. Let vooral op de laatste rij, want daar zit het beslissende verschil.

AspectElektriciteitDigitale infrastructuur
VraagHoeveel vermogen is beschikbaar?Hoeveel digitale capaciteit is beschikbaar?
ProbleemPiekbelastingGelijktijdige datavraag
BottleneckElektriciteitsnetVerbinding, bekabeling, switches, WiFi
OplossingenBatterij, peak shaving, lokale opwekExtra capaciteit, redundantie, load balancing
MeetwaardekW / MWGbit/s, latency, gelijktijdige gebruikers
OpslaanKan deels via batterijRealtime, moeilijk te verschuiven

Het belangrijkste verschil in één zin: elektriciteitsvraag kan soms worden verschoven of tijdelijk worden opgevangen met opslag, terwijl veel digitale vraag realtime is en precies op het moment van gebruik moet kunnen worden verwerkt.

AI maakt deze discussie interessanter

AI betekent niet automatisch dat ieder kantoor morgen tientallen gigabits internet nodig heeft. Overdreven claims helpen niemand. Wel is duidelijk dat organisaties steeds meer digitale diensten gebruiken en dat AI onderdeel wordt van vrijwel iedere bedrijfsapplicatie.

Daarnaast groeit het gebruik van cloudsoftware, videocommunicatie, connected devices, sensoren, digitale beveiliging, slimme gebouwen en realtime data-analyse. Bij de beoordeling van vastgoed moet daarom niet alleen naar het huidige datagebruik worden gekeken, maar ook naar de toekomstige digitale groeicapaciteit. Is uw gebouw voorbereid op de dataconsumptie van morgen?

Benieuwd naar het IT-label van uw gebouw?

Ontdek hoe uw vastgoed scoort op digitale infrastructuur.

IT-label aanvragen

Vastgoed kijkt naar energiecapaciteit. Waarom niet naar datacapaciteit?

Bij het huren of kopen van bedrijfsruimte wordt steeds vaker gevraagd naar beschikbare netcapaciteit, gecontracteerd vermogen, transformatorcapaciteit, zonnepanelen, laadmogelijkheden en netcongestie. Die vragen zijn inmiddels standaard geworden.

Maar hoe vaak vraagt een huurder hoeveel glasvezelverbindingen er liggen, welke providers beschikbaar zijn, wat de maximale capaciteit is, of er fysieke redundantie is, welke bekabeling er ligt, welke snelheid de switches ondersteunen, hoeveel access points aanwezig zijn en hoeveel gelijktijdige gebruikers het netwerk aankan? Deze informatie ontbreekt vrijwel altijd in de huurbrochure.

Wordt digitale capaciteit de volgende nutsvoorziening waar vastgoedprofessionals standaard naar moeten vragen? Voor kantoorgebouwen en bedrijfspanden is die vraag steeds moeilijker te ontwijken.

Van internetverbinding naar wat een gebouw digitaal aankan

Het IT-label wil daarom niet alleen vaststellen óf er internet is, maar vooral wat een gebouw digitaal aankan. Een IT-label of Digital Due Diligence kijkt onder meer naar glasvezel, beschikbare providers, bandbreedte, redundantie, bekabelingscategorie, backbone, switches, WiFi-infrastructuur, server- en patchruimtes, netwerkarchitectuur, documentatie, capaciteit, uitbreidbaarheid, continuïteit en toekomstige dataconsumptie.

Knelpunten kunnen zich op verschillende niveaus bevinden: telecomnetwerk, providerverbinding, gebouwentree, backbone, switch, WiFi, server of applicatie. Daarmee ontstaat een digitaal opleverniveau dat de gehele keten benoemt, van premium tot shell.

Een vooruitblik op het capaciteitsprofiel

Vandaag beschrijven we een gebouw met kenmerken als 2.500 m² kantoorruimte, energielabel A++ en 500 kW beschikbaar vermogen. Morgen komt daar mogelijk een digitaal profiel bij, met kenmerken als een classificatie IT2 PLUG & PLAY, twee onafhankelijke glasvezelverbindingen, een 10 Gbit/s backbone, enterprise WiFi en redundante digitale infrastructuur.

Zo wordt digitale infrastructuur onderdeel van de technische kwaliteit van vastgoed, naast energie. Niet als losse specificatie, maar als onderdeel van hoe we de waarde van een gebouw begrijpen.

Laat onderzoeken wat uw gebouw digitaal aankan

De vraag van morgen is misschien niet alleen: hoeveel vierkante meter heeft mijn organisatie nodig? Ook niet alleen: hoeveel elektriciteit kan dit gebouw leveren? Maar steeds vaker: hoeveel digitale groei kan dit gebouw verwerken wanneer iedereen tegelijk online is?

Energie kun je tijdelijk opslaan. Een realtime verbinding niet. Daarom is het niet genoeg om te weten óf een gebouw verbonden is. We moeten onderzoeken wat het gebouw digitaal aankan op het moment dat het er echt toe doet.

Eigenaren, huurders en vastgoedprofessionals kunnen het digitale opleverniveau en de toekomstige capaciteit van hun gebouw laten onderzoeken via een IT-label voorinspectie of via www.it-label.com. Samen maken wij zichtbaar wat nu nog onzichtbaar is.

Deel dit artikel

Heeft u een vraag?

Neem contact met ons op voor meer informatie over het IT-label.

Contact opnemen