Onafhankelijk kenniscollectief voor digitale infrastructuur in vastgoed
IT-Label

IT-Label aanvragen

Laat uw gegevens achter, dan nemen wij contact op om het traject door te nemen.

Classificaties IT1+ – IT1 – IT2 – IT3 – IT4 – IT5

Heeft heel Nederland inmiddels glasvezel?

Waarom een groene stip op de dekkingskaart nog niets zegt over de digitale kwaliteit van uw gebouw.

Inzichten··7 min leestijd
Heeft heel Nederland inmiddels glasvezel?

Kernpunten

  • Nederland behoort tot de best aangesloten landen ter wereld, maar de glasvezeldekking is niet overal gelijk, zelfs niet binnen een enkele wijk of een enkel bedrijventerrein.
  • Er bestaat een groot verschil tussen glasvezel in de straat, glasvezel tot het gebouw en een actieve zakelijke aansluiting met voldoende capaciteit.
  • Twee internetabonnementen betekenen niet automatisch redundantie: als beide verbindingen via dezelfde route binnenkomen, valt bij een graafincident alsnog alles uit.
  • De interne infrastructuur bepaalt mee wat er op de werkplek overblijft, van de gebouwentree tot de WiFi-dekking in het gebouw.
  • Het IT-label kijkt daarom verder dan de dekkingskaart en maakt de digitale kwaliteit van een gebouw inzichtelijk.

De vraag klinkt eenvoudig: heeft heel Nederland inmiddels glasvezel? Het antwoord is genuanceerder dan een simpele ja of nee. Nederland is internationaal gezien uitzonderlijk goed verbonden en de uitrol van glasvezel is de afgelopen jaren snel gegaan. Toch verschilt de beschikbaarheid nog steeds per regio, per straat, per bedrijventerrein en zelfs per gebouw.

Voor wie een woning zoekt is de dekkingskaart vaak voldoende. Voor wie een kantoor of bedrijfsruimte huurt, of vastgoed bezit, verhuurt of taxeert, is een groene stip op die kaart pas het begin van het verhaal. "Glasvezel beschikbaar" zegt namelijk nog lang niet alles over de digitale kwaliteit van een gebouw.

In dit artikel leggen we uit hoe het landelijke beeld eruitziet, waarom de dekking per locatie verschilt en waarom de echte vraag niet is of er glasvezel ligt, maar hoe goed een gebouw daadwerkelijk digitaal is ontsloten.

Het landelijke beeld: hoog, maar niet overal gelijk

Uit gegevens van onder meer de ACM, de Rijksoverheid en het programma Overal Snel Internet blijkt dat de glasvezeldekking in Nederland de laatste jaren sterk is toegenomen en internationaal tot de hoogste van Europa behoort. De meest actuele cijfers verschillen per bron en per meetmoment, dus loont het altijd om de recentste publicaties te raadplegen voordat u zich op een percentage baseert.

Belangrijker dan het exacte getal is het inzicht dat de dekking hoog is, maar niet overal gelijk. Er kunnen verschillen bestaan tussen stedelijke en landelijke gebieden, tussen bedrijventerreinen en buitengebieden, en tussen oudere binnensteden en nieuwbouwgebieden.

Het is verleidelijk om daar een simpele conclusie aan te verbinden, zoals dat de Randstad glasvezel heeft en de provincie niet. Die conclusie klopt niet. Ook binnen een enkele gemeente, wijk of bedrijventerrein kunnen grote verschillen voorkomen. De ene straat is aangesloten, de andere nog niet. Het ene pand op een terrein heeft een actieve verbinding, het buurpand wacht nog op aanleg.

Waarom verschilt de dekking per regio?

De uitrol van glasvezel volgt geen willekeurig patroon. Providers maken per gebied een afweging tussen kosten en opbrengsten. In een dichtbebouwde woonwijk liggen de aansluitingen dicht op elkaar en is de businesscase gunstig. Bij verspreid gelegen bedrijfsgebouwen liggen de afstanden groter en lopen de graafkosten per aansluiting op.

Daarnaast spelen factoren mee als bevolkingsdichtheid, gemeentelijke vergunningen, de aanwezigheid van bestaande coax- of koperinfrastructuur en lokale initiatieven van bewoners of ondernemers. In gebieden waar al een snelle kabelverbinding ligt, is de prikkel om extra glasvezel aan te leggen soms kleiner.

Dit verklaart waarom de glasvezeluitrol economisch anders werkt in een woonwijk dan op een bedrijventerrein. Juist commercieel vastgoed loopt daardoor het risico dat de dekkingskaart een te rooskleurig of te somber beeld geeft van wat er op een specifiek adres beschikbaar is.

Een groene stip op de dekkingskaart is een uitnodiging om vragen te stellen, niet het antwoord op de vraag of een gebouw digitaal geschikt is.

De vastgoedvertaling: wat betekent de kaart voor een huurder?

Stel dat een ondernemer morgen een kantoor of bedrijfsruimte wil huren. Wat betekent een landelijke glasvezelkaart dan eigenlijk? Het eerlijke antwoord is: niet genoeg. Een locatie kan als "glasvezel beschikbaar" worden weergegeven terwijl bij het specifieke gebouw nog allerlei vragen openstaan.

Denk aan vragen als: komt de glasvezel daadwerkelijk het gebouw binnen, of ligt hij alleen in de straat? Welke provider levert de verbinding, en kunnen meerdere providers leveren? Wat is de maximale capaciteit? Is er een zakelijke SLA beschikbaar? Via welke fysieke route komt de kabel binnen, en waar ligt het demarcatiepunt tussen provider en gebouw?

Deze vragen maken het verschil tussen een adres dat op papier verbonden is en een gebouw dat in de praktijk klaar is voor het werk dat erin plaatsvindt. In onze kennisbank over glasvezel in gebouwen gaan we dieper in op de laatste meters, die vaak bepalend zijn.

Benieuwd naar het IT-label van uw gebouw?

Ontdek hoe uw vastgoed scoort op digitale infrastructuur.

IT-label aanvragen

Eén glasvezel is nog geen redundantie

Een veelgemaakte aanname is dat twee internetabonnementen automatisch een redundant gebouw opleveren. Dat is niet zo. Twee providers zijn niet vanzelf twee onafhankelijke routes.

Als beide verbindingen via dezelfde kabelgoot lopen, via dezelfde straat binnenkomen of dezelfde wijkcentrale gebruiken, dan kan één graafincident alsnog beide verbindingen tegelijk uitschakelen. Redundantie begint niet bij twee facturen, maar bij twee daadwerkelijk onafhankelijke verbindingen die niet op hetzelfde fysieke punt samenkomen.

Voor organisaties die niet zonder verbinding kunnen, is dit onderscheid essentieel. Wie meer wil weten over hoe echte onafhankelijkheid werkt, vindt uitleg in ons artikel over waarom één verbinding soms te weinig is.

Glasvezel tot de voordeur is pas het begin

Zelfs met een snelle aansluiting tot aan het gebouw is het verhaal niet af. De interne infrastructuur bepaalt mee wat er uiteindelijk op de werkplek terechtkomt. Een gebouw kan een zeer snelle glasvezelaansluiting hebben en toch intern beperkt zijn.

Dat kan komen door verouderde CAT-bekabeling, oude switches, te kleine uplinks, onvoldoende access points, verouderde patchkasten, gebrekkige documentatie of onvoldoende backbonecapaciteit. Elk van deze schakels kan de verbinding knijpen voordat die de gebruiker bereikt.

Een treffend beeld: een snelweg met tien rijstroken heeft weinig waarde als hij bij de voordeur overgaat in een smal zandpad. Daarom moet digitale vastgoedkwaliteit altijd van provider tot werkplek worden bekeken, en niet alleen bij het aansluitpunt stoppen.

Bedrijventerreinen verdienen extra aandacht

Voor commercieel vastgoed en bedrijventerreinen geldt dat een gemiddelde consumentenkaart niet altijd vertelt wat een onderneming nodig heeft. Een logistiek bedrijf, een productiebedrijf, een callcenter, een AI-bedrijf of een groot kantoor stelt heel andere eisen dan een huishouden.

Denk aan hoge uploadcapaciteit, symmetrische verbindingen, lage latency, uptimegaranties, zakelijke SLA's, redundantie, meerdere carriers, snelle herstelservice en soms een eigen glasvezelverbinding. Deze zaken staan zelden op een dekkingskaart, maar bepalen wel of een gebouw geschikt is.

Kort gezegd: een postcodecheck vertelt of internet beschikbaar is, een Digital Due Diligence vertelt of het geschikt is voor uw organisatie. Op onze pagina voor bedrijfspanden leest u hoe die eisen per gebruiker verschillen.

Benieuwd naar het IT-label van uw gebouw?

Ontdek hoe uw vastgoed scoort op digitale infrastructuur.

IT-label aanvragen

Regionale verschillen zijn maar een deel van het verhaal

Dekkingskaarten zijn waardevol. Ze geven een goed landelijk beeld en helpen bij het plannen van uitrol en beleid. Maar het IT-label kijkt bewust naar een ander niveau: het gebouw zelf.

Nederland kan op landelijk niveau bijna volledig verbonden zijn, terwijl individuele gebouwen digitaal nog kwetsbaar of onvoldoende voorbereid zijn. Ter illustratie, als hypothetisch voorbeeld: een land kan hoge glasvezeldekking hebben terwijl uw gebouw nog maar één kwetsbare verbinding heeft. De landelijke statistiek en de situatie bij uw voordeur zijn twee verschillende dingen.

Daarom kijkt het IT-label verder dan de vraag of glasvezel aanwezig is. Een goede beoordeling betrekt het type aansluiting, de provider of providers, de beschikbare capaciteit, de symmetrie tussen upload en download, de SLA, de redundantie, de fysieke route, de gebouwentree, de patchruimte, de interne backbone, de bekabeling, de netwerkapparatuur, de WiFi, de uitbreidingsmogelijkheden en de documentatie. Dat is wat wij de digitale ontsluiting van een gebouw noemen.

Praktische vragen voor huurders vóór het tekenen

Wie een ruimte overweegt te huren, kan de digitale kwaliteit even serieus meewegen als parkeren, energielabel, klimaat, huurprijs en servicekosten. De volgende vragen helpen daarbij.

  1. Welke providers kunnen dit gebouw daadwerkelijk leveren?
  2. Wat is de maximaal beschikbare capaciteit?
  3. Is er glasvezel aangesloten, of alleen beschikbaar in de straat?
  4. Is een tweede, onafhankelijke route mogelijk?
  5. Hoe is de interne bekabeling ingericht?
  6. Is er een zakelijke SLA?
  7. Wie is verantwoordelijk voor welke infrastructuur?

Deze vragen horen bij een bezichtiging thuis. Onze checklist over waar u als huurder op moet letten gaat er verder op in.

Vooruitkijken: van "is er internet?" naar "hoeveel groei kan het aan?"

De vraag naar digitale infrastructuur neemt de komende jaren toe. AI, cloud, videocommunicatie, smart buildings, IoT, data-analyse, cybersecurity en digitale bedrijfsprocessen vragen allemaal meer van een gebouw. Daardoor verschuift de vraag van "is er internet?" naar "hoe goed is dit gebouw digitaal ontsloten en hoeveel groei kan het aan?".

Nederland wordt steeds verder verglaasd. Maar daarmee is niet automatisch ieder gebouw digitaal toekomstbestendig. Glasvezel in de straat is mooi. Glasvezel die betrouwbaar, redundant en toekomstbestendig door het hele gebouw werkt, is iets anders.

Benieuwd naar het IT-label van uw gebouw?

Ontdek hoe uw vastgoed scoort op digitale infrastructuur.

IT-label aanvragen

Kijk verder dan de dekkingskaart

Bent u eigenaar, huurder, makelaar of vastgoedadviseur? Kijk dan niet alleen naar de glasvezeldekking, maar naar het volledige digitale opleverniveau van een gebouw. Een IT-label voorinspectie maakt in kaart wat er werkelijk binnenkomt en wat er intern overblijft, zodat u weet wat u huurt of bezit voordat er handtekeningen worden gezet.

Neem via onze contactpagina gerust contact op om de digitale ontsluiting van uw pand te laten inventariseren. Samen maken wij zichtbaar wat nu nog onzichtbaar is.

Deel dit artikel

Heeft u een vraag?

Neem contact met ons op voor meer informatie over het IT-label.

Contact opnemen